woensdag 11 februari 2015

Lentetype

Lentetype: (warm)

Huid.
Het lentetype heeft een lichtgouden of ivoorkleurige huid met vaak rozige wangen,
ze bloost gemakkelijk.
Sproeten komen veelvuldig voor bij lentetypen en hebben een goudbruine kleur.
De huid is meestal helder en zuiver.

Haar:
Het haar is meestal vlasblond, geelblond, honingkleurig, rossig,
goud of donkerbruin.
Als het grijs wordt is het meestal wat gelig of crème kleurig.

Ogen:
De kleur van de ogen zijn meestal blauw, groen, petrolblauw met wat
geelbruine vlekjes in de iris.
Ook bruine ogen komen voor maar die zijn dan wel goudbruin of hazelnoot.



Kleuren:
Wit:
Het beste is ivoorwit of romig wit (wolwit gaat ook voor donkerharige)
maar geen zuiver wit.

Grijs:
De grijstinten kunnen allemaal als er maar een gele ondertoon in zit en
helder zijn.
Blauw:
Je kan het beste kiezen voor marineblauw omdat het licht en helder is.
Ook donkerblauw mag als het maar fel en helder is.
Veel soorten blauwgroen en turkoois staan goed.
Paasblauw of tinten met violet erin staan heel flateus.
Vermijd tinten die bleek of dog overkomen!

Bruin en beige:
Warm beige, geelbruin.
Draag geen kaki kleuren vlak bij het gezicht, maar voor een rok of broek
gaat het natuurlijk wel.
Sommige lente typen dragen liever grijstinten in plaats van camel of bruin.
Goud en geel:
Goudkleur moet licht en helder zijn.
Zachtgeel zoals zeemleergeel staat erg mooi.

Rood:
Helderrood of oranjerood.

Groen:
Geelgroen (van pastel tot fel)

Roze en perzik:
Alle warmroze tinten staan goed. (warmroze heeft een ondertoon van geel)

Oranje:
Neem lichtoranje maar nooit feloranje.

Violet:
Midden violet staat het beste.Neem geen donker paarse tinten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen